Oliën en vetten spelen een belangrijke rol in ons dagelijks leven. Vetten heb je nodig. Vet levert energie en bevat belangrijke stoffen voor ons lichaam, zoals essentiële vetzuren en vitamines. Doorgaans komt ongeveer 1/3 van alle calorieën uit vet. Alle vetten bestaan uit een mengsel van onverzadigde vetzuren en verzadigde vetzuren.

Vloeibare vetten zijn rijk aan gezonde onverzadigde vetzuren en bevatten minder verzadigde vetzuren. Onverzadigde vetzuren passen in een gezonde voeding. Ze helpen mee om het cholesterolgehalte te verlagen, waardoor het risico op hart- en vaatziekten minder wordt. Om de kans op hart- en vaatziekten te verlagen, adviseert de Gezondheidsraad om producten met veel verzadigd vet te vervangen door producten met veel onverzadigde vetzuren. Deze gezonde vetzuren zitten vooral in oliën, margarine uit een kuipje, vloeibare bak en braadproducten uit een knijpfles, vette vis en noten en dus in vloeibaar frituurvet en -olie.

Naast de verschuiving van vaste naar gezonde vloeibare frituurvetten in de horeca is in de loop van de tijd, mede onder invloed van de campagne Verantwoord Frituren, de gemiddelde vetzuursamenstelling van de frituurvetten en frituuroliën – zowel vast als vloeibaar – sterk verbeterd. De campagne heeft vanaf de oprichting een minimum norm voor het gehalte onverzadigde vetzuren in vloeibare frituurvetproducten vastgesteld. De norm voor frituurolie en vloeibaar frituurvet is sinds januari 2024 minimaal 70% onverzadigde vetzuren. Dit was in de voorgaande jaren nog 65%.

Uit een eenvoudige berekening blijkt dat tussen 2004 en 2024 het gehalte ongezondere vetzuren met 50% is gedaald in de totale productgroep ‘frituurvetten’ (dus vast en vloeibaar). Deze ongezondere vetzuren zijn allemaal vervangen zijn door de gezonde onverzadigde vetzuren.

Image